Yoga pranayama is niet enkel het fysieke ademhalen, noch mag het verward worden met lucht. Het is het een veel subtielere substantie. Laat ons eens proberen om tot een voor ons materialistische westerlingen aanvaardbare verklaring te komen zonder al te veel in te gaan op metafysische yoga concepten.

Een eeuw voordat wetenschappers hun beroemde experimenten uitvoerden waarbij ze zuurstof isoleerden als de substantie die lucht onmisbaar maakt  voor het leven, deed een Britse chemicus een reeks testen die voor zijn tijd revolutionair waren  en hem ervan overtuigde dat leven niet alleen door lucht mogelijk gemaakt werd, maar door een actiever en subtieler bestanddeel ervan. Die verborgen eigenschap in de atmosfeer noemde hij “spiritus igneoaereus”, zijn theorie werd destijds natuurlijk weggelachen.

De Hindoe theorie van het prana gaat veel verder dan dat, zij geloven dat alle fysieke en mentale manifestaties afhankelijk zijn van prana. Ze noemen het de adem van het leven, een andere definitie is “universele energie”. Je kan het beschouwen als de vitale energie waarmee het lichaam opgevuld is.

De yogis zeggen dat prana door het menselijk lichaam circuleert via een netwerk van speciale kanalen, nadis. De nadis worden beheerst door de zeven chakras en de drie hoofdnadis worden “Ida”, “Pingala” en “Shushamna” genoemd. Shushamna komt overeen met de ruggengraat en Ida en Pingala worden voorgesteld als twee onderling cirkelende slangen aan beide kanten.

Klik hier om er meer over te lezen.

Leave a Comment